Ruben Demasure

10/05/2017
Ruben Demasure
read more →

Door de omvang van de speelduur, de beschouwingen en de shotlengtes wordt meestal in monumentale bewoordingen gesproken over Sátántangó. Maar schuilt de duivel niet in de details? Wat volgt is een mijmering aan de hand van drie elementen in de kamer van het personage van de dokter: het raam, een muurprent en een standbeeldje. Sátántangó als een Voyage autour de ma chambre of een kamerspel.

5/10/2016
Ruben Demasure
read more →

Mij heeft in deze film van Chris Marker altijd een ander gezicht gemarkeerd: de karakterkop in de rolkraag die de tijdreisexperimenten leidt. Deze beeldendokter wordt gespeeld door Jacques Ledoux. De legendarische Ledoux, te weinig herinnerd in eigen land, was veertig jaar lang conservator van het Brusselse filmarchief, nu CINEMATEK.

3/08/2016
Ruben Demasure
read more →

Mijn verhaal is een persoonlijke pelgrimage en filmviering. Een grand tour langs filmhistorisch en bouwkundig erfgoed in de stad waar 120 jaar geleden het concept van de publieke filmvertoning ontstond. Art et essai: een essay in acht scènes.

31/03/2014
Ruben Demasure
read more →

Als Courtisane een ruimte is om te reizen of te verdwalen, dan waren dat de laatste editie op het scherm opvallend vaak erg barre, onherbergzame landschappen die doorkruist, verkend of bevolkt werden. Alsof het hertekenen van de paden voor de voorgestelde cartografie en het zoeken van onze plaats en de plaats van cinema de kern- en overgangseditie, die 2013 was, weerspiegelde. Gestript van competitie, met een nieuwe titel en een nieuwe festivalcoördinator (of beter: teruggekeerde mede-grondlegger) was het back to basics. Cousins indachtig, “film festivals should be naked in front of the innovative, divine, political, honest facts of life.”

24/03/2014
Ruben Demasure
read more →

Hoewel hij de films van Angelopoulos er niet bij vermeldt, wijst András Kovács (2007) erop dat een theatrale stijl een dominant aspect vormt van het laatmodernisme in de cinema – sommigen gewagen zelfs van Angelopoulos als ‘de laatste modernist’ (Horton, 1997). Een terugkerend motief doorheen O thiassos is precies de connectie tussen de toneelopvoeringen van Golfo door het theatergezelschap en hun trektocht doorheen de harde realiteit van de nationale geschiedenis. Deze connectie is er een van reciprociteit. Enerzijds roepen de reële gebeurtenissen op het politieke strijdtoneel de visuele setting van het theater op. Anderzijds breekt de realiteit voortdurend in in de theateropvoeringen en -repetities van de spelersgroep. Interessant is na te gaan hoe dit idee vorm krijgt, opdat een beeld op die manier zou werken.