Article NL EN
27.07.2022

Film was an empty theatre, during the day, in which artificial light showed everything the sun outside could never show. It was the most blissful way of being: all alone in the presence of an intense illusion. Life watched more fascinating than life lived. The other so much more fascinating than the self, a substitute dream for the self.

Article NL EN
27.07.2022

In ‘Dreaming of an Expedition’, published in 1996, the then 52-year-old Dirk Lauwaert takes stock of his long personal relationship, and his relationship as a critic, with the medium of film. He describes his burgeoning passion for film and how it further shaped his life as a young man; he clarifies, briefly and powerfully, what is at stake for him in the film experience; then the argument tilts: the film lover feels cheated by the dominant visual culture of the mid-1990s: it separates watching from experiencing. This calls for a renewed struggle for the autonomy of the film experience. But isn’t that a losing battle?

Article NL EN
27.07.2022

Film, dat was een lege zaal, overdag, waarin een kunstlicht alles toon de wat de zon daarbuiten nooit kon laten zien. Het was de gelukzaligste manier om te zijn: helemaal alleen in de buurt van een intense illusie. Het bekeken leven als boeiender dan het geleefde. De ander als zoveel boeien der dan het zelf, als vervangende droom voor het zelf.

Article NL EN
27.07.2022

In ‘Dromen van een expeditie’, gepubliceerd in 1995, maakt de dan 52-jarige Dirk Lauwaert het bilan op van zijn lange persoonlijke relatie, ook als criticus, met het medium film. Hij beschrijft zijn ontluikende passie voor film en hoe die verder gestalte gaf aan zijn leven als jongeman; hij verheldert, kort en krachtig, wat er voor hem in de filmervaring op het spel staat; vervolgens kantelt het betoog: de filmliefhebber voelt zich bedrogen door de dominante beeldcultuur van medio jaren negentig: zij scheidt het kijken van het ervaren. Dat noopt tot een hernieuwde strijd voor de autonomie van de filmervaring. Maar is dat geen bij voorbaat verloren gevecht?

Article NL EN
27.07.2022

Critic, film theorist and filmmaker, Jean-Louis Comolli died in his adoptive home city of Paris on May 19, 2022, at the age of eighty. An editor of Cahiers du Cinéma from 1965 to 1973, his international reputation in the field of film studies rests largely on a handful of texts – ‘The Detour through the Direct’, ‘Cinema/Ideology/Criticism’, ‘Technique and Ideology’ – written as he and his co-editor Jean Narboni steered the journal towards a Marxist-Leninist line in the wake of the May ’68 uprising. In France, meanwhile, he is equally well-known for the corpus of films made after departing Cahiers: a body of more than forty titles incorporating both fiction and (more preponderantly) documentary formats, and made for both cinema and television.

Article NL EN
27.07.2022

Criticus, filmtheoreticus en filmmaker Jean-Louis Comolli overleed op 19 mei 2022 op tachtigjarige leeftijd in zijn woonplaats Parijs. Van 1965 tot 1973 was hij redacteur van Cahiers du Cinéma en zijn internationale reputatie binnen de filmstudies berust voornamelijk op een handvol teksten – “Détour par le direct”, “Cinéma/idéologie/critique”, “Technique et idéologie” – die hij schreef toen hij en mederedacteur Jean Narboni het tijdschrift in de nasleep van mei ’68 in marxistisch-leninistische richting stuurden. In Frankrijk staat hij intussen ook bekend om het corpus films dat hij na zijn vertrek bij de Cahiers maakte: meer dan veertig titels met zowel fictiefilms als (in overwegende mate) documentaires, gemaakt voor zowel cinema als televisie.

Conversation EN
20.07.2022

In Lviv, after a spontaneous occupation of the regional government buildings by activists, the police forces withdraw, leaving a power vacuum. A self-organized group of volunteers decide to take over law enforcement functions in the city, using a peer-to-peer digital radio channel called “Varta1” (guard1), that formed the starting point for Yuriy Hrytsyna’s film. Hrytsyna: “When I found it, I immediately knew it was something important, something historic. Since it’s a radio stream, it would disappear. So I recorded it a few days in a row. (...) They were characteristic for the things that were discussed in Maidan, Kyiv and in the whole of Ukraine. But nevertheless, it was a situation that was likely to be forgotten.”

Article NL EN
13.07.2022

Trouble in Paradise is a crook film – and not only because it’s about crooks. It reveals imposture to be the essence of cinema. Film, says Leenhardt, is the art of ellipsis – what else are theft, fraud and imposture? Skipping links, creating seemingly or only outwardly conclusive connections between originally unrelated elements: that is the art of filmmakers and con artists, the essence of their respective means of expression. 

Article NL
13.07.2022
Fernand Deligny 1978
Vertaald door
Introductie door

Sabzian publiceert de komende maanden de eerste Nederlandstalige vertalingen van enkele teksten van Fernand Deligny. Hij schreef verschillende teksten over camereren, een werkwoord dat zich onderscheidt van wat we doorgaans filmen noemen. Via dit neologisme opende hij een uniek perspectief op de camera. Deligny: “Film is nooit enkel het Engelse woord dat voor de geest roept wat in onze taal pellicule heet. Maar dat woord pellicule moest bezet zijn door wat het wou zeggen, en het zijn kleine schilfers van dode huid waar het om gaat; op basis daarvan zegt men filmen en niet pelliculeren.”

Article NL FR EN
6.07.2022

When I read Melissa Anderson’s thin volume on Inland Empire late last year, I was overwhelmed. After inhaling its 104 pages, I felt immediately that I wanted to write about the book but equally knew that I could never review it, since it appears in a series – the Decadent Editions from Fireflies Press, ten books about ten films, one for each year of the 2000s – to which I’m also a contributor. Now I happily have my chance, freed from any pretense of objective assessment.

Article NL FR EN
6.07.2022
Erika Balsom 2022
Vertaald door

Toen ik eind vorig jaar Melissa Andersons dunne boekje over Inland Empire las, was ik overdonderd. Nadat ik de 104 pagina’s had geïnhaleerd, voelde ik meteen dat ik over het boek wilde schrijven maar wist ik ook dat ik het nooit zou kunnen recenseren, aangezien het is verschenen in een reeks waaraan ik zelf ook een bijdrage leverde – de Decadent Editions van Fireflies Press, tien boeken over tien films, één voor elk jaar van de jaren 2000. Gelukkig krijg ik nu mijn kans, bevrijd van elke schijn van objectieve beoordeling.

Article NL FR EN
6.07.2022

Lorsque j’ai lu le mince ouvrage de Melissa Anderson sur Inland Empire à la fin de l’année dernière, j’ai été bouleversée. Après avoir inhalé les 104 pages, j’ai immédiatement eu envie d’écrire sur ce livre, mais je savais également que je ne pourrais en faire la critique, puisqu’il fait partie d’une série à laquelle je contribue également : les Decadent Editions de Fireflies Press, dix livres sur dix films, un pour chaque année des années 2000. J’ai maintenant l’occasion d’écrire à son sujet, libérée de toute prétention à l’objectivité.

Article EN
22.06.2022
Linda Polan 1985
Introduction by

Naughty Boys was the second film De Kuyper made with friends and students, but here for the first time they were joined by a “professional” actress, Linda Polan. The text below is a testimony of her experience of working with De Kuyper, preceded by an introduction by the Belgian filmmaker. Polan: “Looking back as I write this, a year later, I wonder what it was I was so frightened of. I must admit to a terrible fear of being found unsatisfactory – sent back; returned to the manufacturer, like something on approval from Peter Jones. I suppose it was that.”

Conversation NL
22.06.2022

“Enerzijds vereist die enscenering een grote discipline, een soort tirannieke opbouw. Maar vanaf het moment dat het een automatisme geworden is, doe ik niets meer. Bij de opnamen regisseerde ik de acteurs niet meer, tenzij het om minieme technische veranderingen ging. En dan komen er inderdaad hele spontane, directe zaken, die ze op het moment van opname zelf uitvinden, of improviseren. Ze lossen de problemen die ze tegenkomen dan op met hun eigen middelen, waardoor het direct, authentiek overkomt. Ik laat ze vrij op het moment van de opname, en ze geven dus hun eigen ritme aan.”

Article NL
15.06.2022

Hoewel Un monde bij momenten valse hoop wekt, zeker wanneer het spookbeeld van het personage Ana Torrent uit Spirit of the Beehive (Victor Erice, 1973) wordt opgeroepen, is de film uiteindelijk weinig meer dan de zoveelste “mokerslagfilm”, waarvan de zogenaamd ingenieuze insteek in wezen afgezaagd en verstikkend blijkt en het einde als enige doel heeft de toeschouwer een flinke klap te verkopen.

Article NL EN
8.06.2022

Serge Daney is the force of a surprising opening gambit. In the form of a question, or the negation of obviousness, as a rhyme of ideas or right away with a brutal argumentation that stalemates you, “if... then”. The strategy of the brusque but also panicky outburst. The ground is not prepared, the argument not introduced. He parachutes the reader straight into the war zone. Bullets whizz around his ears, mines surround him. But the author says: I will lead you through it!

Article NL EN
8.06.2022

Serge Daney, dat is de kracht van de verrassende openingszet. In vraagvorm, of de ontkenning van een evidentie, als een ideeënrijm of meteen met een brutale redenering die je klemzet: “si … alors”. Een strategie van de bruuske, maar ook plankerige uitval, Het terrein wordt niet voorbereid, het argument niet aangebracht. Hij parachuteert de lezer meteen in het oorlogsveld. Kogels fluiten hem om de oren, mijnen liggen alom. Maar de schrijver zegt: lk leid je er door heen!

Conversation NL
8.06.2022

Eind 1991 verscheen het eerste nummer van Trafic, het testamentaire geesteskind van de vorig jaar overleden criticus Serge Daney. Voor Daney vormden “wereld” en “cinema” een onlosmakelijk geheel. (...) Met Trafic wou hij onderzoeken of vanuit cinema opnieuw een kritische distantie ontwikkeld kon worden. (...) Een gesprek met drie van de vier redactieleden: Raymond Bellour, Patrice Rollet, Jean-Claude Biette, beheerders van een zware erflast. Rollet: “We vertrekken vanuit de overtuiging dat de film moet blijven bestaan omdat ze een unieke ervaring is en blijft. Indien de film zou verdwijnen zou een deel van de mensheid verdwijnen want de cinematografische ervaring kan niet worden omgeschakeld naar een andere.”

Article NL
8.06.2022

Twee of drie dingen die u moet weten over Serge Daney. Geboren in 1944, aan het einde van de oorlog – voor Daney het jaar dat Roberto Rossellini de opnames start voor Roma, città aperta en dus het begin van de moderne cinema. [...] In tegenstelling tot vele critici bij de Cahiers wordt Daney niet zelf filmmaker. Daarvoor heeft hij te weinig verbeelding. Als criticus leidt hij de ene film naar de andere. Zo komt Daney terecht op de plaats die hij eerst zo verafschuwde: de tussenruimte. Het is zijn manier van film maken. Dit handelen met beelden is zijn vorm van verbeelden.

Article NL FR EN
1.06.2022

Je découvre cet entretien à 21 ans, sur le chemin qui me conduit d’une cinéphilie classique, principalement américaine (pour ne pas dire hollywoodienne), vers un cinéma moderne et politique (cette découverte vient après celle d’Europe ’51, mais aussi des films militants tournés autour de mai 68). Peu importe si Rossellini exagère, si son constat manque de nuance : son mérite est de cristalliser une interrogation sur ce que l’on peut attendre au juste de l’art en général et du cinéma en particulier. Lui a tranché.

Article NL FR EN
1.06.2022

Ik stoot op dit interview op eenentwintigjarige leeftijd, onderweg van een klassieke, hoofdzakelijk Amerikaanse (om niet te zeggen hollywoodiaanse) opvatting van cinefilie naar een moderne en politieke cinema (deze ontdekking komt na die van Europa ’51, maar ook van de militante films gemaakt rond mei ’68). Het doet er niet toe of Rossellini overdrijft of dat zijn observatie nuance mist: zijn verdienste is dat hij tot een concrete vraagstelling komt over wat men precies kan verwachten van kunst in het algemeen en van cinema in het bijzonder. Hij heeft op zijn minst de knoop doorgehakt

Article NL FR EN
1.06.2022

I discover this interview at the age of twenty-one, on my way from classic, mainly American (not to say Hollywoodian) cinephilia to modern and political cinema (this discovery comes after that of Europe ’51, but also of the militant films made around May ’68). It doesn’t matter if Rossellini is exaggerating, if his observation lacks nuance: his merit is that he crystallises a question about what exactly one can expect from art in general and from cinema in particular. He has come to a decision.

Article NL FR EN
1.06.2022

Beaucoup de choses me plaisent dans ‘A Free Replay’ : des idées clés sur la logique du film comprimées en quelques phrases puissantes, une audacieuse tentative d’interprétation qui est en même temps un manifeste pour l’imagination (et peut-être aussi une ruse sophistiquée), une apparence faussement décousue (« notes » ?) qui cache un travail analytique exhaustif et une forte cohérence interne, des tonnes de recherches obsessionnelles intégrées avec grâce (et parfois de façon fantaisiste) à l’argument principal, une dépendance à la rhétorique et un goût pour ses plaisirs, et un haut degré de performativité, Marker mettant continuellement en scène et exécutant précisément ces idées (l’ellipse, le miroir, la relation espace-temps, la ruse, le replay...) comme un jeu qui alimente sa discussion de Vertigo.

Article NL FR EN
1.06.2022

There are many things I love in ‘A Free Replay’: core ideas about the film’s logic condensed in a few strong formulations; a daring attempt at interpretation that is also a manifesto for the imaginary (and, perhaps, a sophisticated ruse); a deceptively meandering appearance (“notes”?) under which lies an exhaustive analytical work and a strong internal cohesion; tons of obsessive research gracefully (sometimes whimsically) threaded into the main argument; a trust in rhetoric and a taste for its pleasures; and a high degree of performativity, since Marker is constantly staging, executing and playing with the very ideas (the elliptical, the mirroring, the space-time relation, the stratagem, the replay…) that inform his discussion of Vertigo.

Article NL FR EN
1.06.2022

Er zitten in ‘A Free Replay’ veel dingen waar ik van hou: kernideeën over de logica van de film samengebald in een paar krachtige formuleringen, een gewaagde poging tot interpretatie die eveneens een manifest voor de verbeelding is (en misschien ook een geraffineerde list), een bedrieglijk meanderend voorkomen (“notes”?) waaronder exhaustief analytisch werk en een sterke interne samenhang schuilgaan, tonnen obsessief onderzoek die op sierlijke (soms grillige) wijze in de hoofdredenering worden verweven, een vertrouwen in retoriek en een voorliefde voor de genoegens ervan en een hoge mate van performativiteit, aangezien Marker voortdurend precies die ideeën als een spel opvoert en uitvoert die zijn behandeling van Vertigo voeden (het elliptische, het spiegelen, de ruimte-tijdrelatie, de list, het herafspelen...).

Article NL FR EN
1.06.2022

The words drop in the flow of a larger sentence, a larger point. They occur between parentheses. Is this why – to my knowledge – no one has ever cited them? They are devoted to Alfred Hitchcock’s Marnie (1964) by Raymond Bellour in his major 1977 text “Énoncer”, later included in his collection L’Analyse du film. I first read them ... when I was 18 years old. And then I went around quoting these words – in classrooms, in articles, in conferences – for two decades or more: … that unreal film we call film …

Article NL FR EN
1.06.2022

De woorden vallen in de stroom van een ruimere zin, een ruimer punt. Ze staan tussen haakjes. Is dat waarom – bij mijn weten – niemand ze ooit heeft geciteerd? Ze zijn gewijd aan Alfred Hitchcocks Marnie (1964) en komen uit Raymond Bellours belangrijke tekst “Énoncer” uit 1977, die later werd opgenomen in de bundeling L’Analyse du film. Ik las ze voor het eerst (...) toen ik achttien was. En ik bleef de woorden daarna meer dan twee decennia lang citeren – in klaslokalen, in artikels, op conferenties: ... die onwerkelijke film die we film noemen ...

Article NL FR EN
1.06.2022

Les mots tombent dans le flux d’une phrase plus large, d’une idée plus large. Ils sont entre parenthèses. Est-ce la raison pour laquelle – à ma connaissance – personne ne les a jamais cités ? Ils concernent le film Marnie (1964) d’Alfred Hitchcock et proviennent de l’important texte « Énoncer », écrit par Raymond Bellour en 1977 et repris ensuite dans la collection L'Analyse du film. Je les ai découverts dans une traduction anglaise de Bertrand Augst et Hilary Radner pour l’un des premiers numéros du magazine féministe américain Camera Obscura – j’avais dix-huit ans.

Article NL EN DE
1.06.2022
1 2 3 4

The title of the text “Straschek 1963–74 West Berlin” is as simple as it is informative: it is a subjective, self-reflective insight into Günter Peter Straschek’s eleven years in West Berlin. Straschek: “Making movies is, for me, just one means of expressing myself. The idea of blustering my way around this trade to the end of my days (in line with the TV­formula: regular staff editor marries secretary while secretly supporting film editor girlfriend) scares me. If, for example, I really stood no chance of making films for TV, I would move to another country or work in an institute or publish a book or go off somewhere for a couple of years and do manual work or take a civil service job. I’d like to live in as unalienated a way as possible; things are awful enough as they are.”

Article NL EN DE
1.06.2022
1 2 3 4

De titel van de tekst “Straschek 1963 – 74 West-Berlijn”, die hier voor het eerst in een Nederlandse vertaling verschijnt, is even eenvoudig als informatief: het is een subjectieve, zelfreflexieve inkijk in Günter Peter Strascheks elf jaar in West-Berlijn. Straschek: “Filmmaken is voor mij gewoon een manier van uitdrukken. Het idee een leven lang in dit vak rond te hangen (volgens de tv-formule: redacteur in loondienst trouwt met secretaresse en heeft monteuse als geheime vriendin) boezemt mij wel angst in. Mocht ik bijvoorbeeld bij de televisie geen productiekansen zien, dan zou ik naar een ander land gaan of in een instituut werken of een boek uitgeven of mij ergens een paar jaar terugtrekken en lichamelijk werk doen of een functie aannemen. Ik wil zo onvervreemd mogelijk leven, het is al klote genoeg.”

Article NL EN DE
1.06.2022
1 2 3 4

Elf ereignisreiche Jahre in Westberlin hinterließen deutliche Spuren im Leben von Günter Peter Straschek. Er verarbeitet sie in dem Text “Straschek 1963 -74 Westberlin”. Der Titel in der dritten Person verweist auf den selbstreflexiven Charakter des Essays. Straschek: “Filmemachen ist mir nur eine Artikulationsmöglichkeit. Die Vorstellung, ein ganzes Leben in diesem Metier herumzuschlawinern (nach der Fernsehformel: festangestellter Redakteur heiratet Sekretärin und unterhält Cutterin als heimliche Freundin), erschreckt mich doch. Sollte ich beispielsweise beim TV ohne jegliche Realisationschancen sein, würde ich in ein anderes Land gehen oder in einem Institut arbeiten oder ein Buch veröffentlichen oder mich für ein paar Jahre irgendwohin zurückziehen und körperliche Arbeit leisten oder eine Funktionärstätigkeit übernehmen. Ich möchte so wenig wie möglich entfremdet leben, es ist immer noch beschissen genug.”

Conversation EN
25.05.2022

Helke Misselwitz (1947) distinguished herself as a documenter of lives in disarray and utmost ordinariness with great warmth in the years around German reunification. What is vividly clear in her first feature-length documentary, Winter Adé (1988), which sees the filmmaker travel the country by train one year before the fall of the Berlin Wall, is the interest in women’s societal and social roles in particular. Misselwitz: “I think every life is worth telling. It’s just that not all people can tell interesting stories about it. One becomes a kind of helper. You help to describe the lives of others.”

Conversation NL
25.05.2022

A Strange Love Affair (1985), de meest narratieve film van Eric de Kuyper, is een liefdesverhaal tussen een student en zijn veertigjarige professor in filmstudies (zoals De Kuyper destijds zelf was), gespecialiseerd in Hollywooddrama’s. Eric de Kuyper: “We willen dat de toeschouwer zich beelden, of een sfeer herinnert uit de film. Ik ben ook criticus geweest, en je ziet zoveel films waar je je achteraf geen beeld meer van herinnert. Ik dacht dan, als ik films maak, dan moeten de mensen zich er toch nog enkele beelden van herinneren. Zodat er toch nog iets overblijft. Dàt moet cinema zijn: je moet beelden overhouden. En dat is de kracht van grote cineasten: dat ze je beelden inprenten zodat je twintig jaar later nog altijd kunt zeggen: ‘lk heb die film gezien.’”

Conversation NL
25.05.2022

Na in 1983 te debuteren met Casta Diva maakte Eric de Kuyper in 1984 meteen Naughty Boys, een film die hij zelf omschreef als “a sad musical comedy” en waarin hij hulde brengt aan de oude musicals en komedies. De Kuyper: “Naughty Boys heeft iets anachronistisch, iets ouderwets, iets blasé. Maar die musicals, die stukken toen hadden die langdradigheid, die verveling niet. Het was een uitdaging om met gevoelens van nu in een genre van toen iets te vertellen... alsof een Antonioni een musical zou maken...”

Conversation NL
25.05.2022

Casta Diva was de debuutfilm van de Belgische filmcriticus/docent/academicus/televisieproducent en -programmator Eric de Kuyper, een film die in 1983 internationaal meteen werd opgemerkt. De Kuyper: “Het is een moeilijke film omdat het moeilijk is om aandachtig naar eenvoudige beelden te kijken; je bent met zeer elementaire cinema bezig, met beeld en geluid (muziek). Hoe minder je in werking zet bij film, hoe eenvoudiger het wordt maar hoe meer inspanning je van de toeschouwer verlangt omdat het bijna Art brut is, bijna naïef. Eigenlijk nodig ik de toeschouwers uit om hun kijkgedrag te wijzigen.”

Article NL
18.05.2022
Fernand Deligny 1978
Vertaald door
Introductie door

Sabzian publiceert de komende maanden de eerste Nederlandstalige vertalingen van enkele teksten van Fernand Deligny over de notie van het camereren. Deligny’s filmproducties en audiovisuele experimenten gingen samen met geschreven reflecties over de camera. Zijn schriftuur wordt gekenmerkt door vormelijke wildheid en raadselachtigheid, vol woordspelingen, provocaties en boutades. Hij schreef verschillende teksten over camereren, een werkwoord dat zich onderscheidt van wat we doorgaans filmen noemen. Via dit neologisme opende hij een uniek perspectief op de camera. Deligny: “Woorden hebben een geschiedenis. Wat het woordenboek ons zegt over projecteren, eertijds, roept ‘buitengooien’ op, terwijl het woord project, dat dezelfde oorsprong heeft, ‘alles waarmee de mens beoogt de wereld of zichzelf op een bepaalde manier te wijzigen’ voor de geest haalt.”

Article NL
11.05.2022

Met Eric de Kuyper als rug en spilfiguur heeft de Nijmeegse school in 1986 al vier films afgeleverd: Casta Diva, Naughty Boys, Mathilde (van Emile Poppe) en A Strange Love Affair (samen met Paul Verstraten). Constanten zijn dat deze films heel snel zijn gemaakt, met weinig geld, dat er gretig uit films in wordt geciteerd, dat ze in zwart-wit zijn en dat ze andere visuele en auditieve prikkels uitsturen dan de doorsnee speelfilm. Een bloemlezing uit de Kuypers mijmeringen.

Conversation NL
11.05.2022

Na zijn debuut Casta Diva (1982) leverde Eric de Kuyper in 1984 Naughty Boys af. Een nieuwe film van de Belgische regisseur die tot dan toe vooral actief was geweest als televisieproducent- en programmator, schrijver, docent en onderzoeker. “Ik weet uit ervaring hoe veel andere mensen films maken of gemaakt hebben en ik had voor mezelf besloten: nou, op die manier maak ik vast geen films! Alleen wist ik niet zo meteen hoe eraan te ontsnappen. Maar voor mij, zoals ik eerder ook al aangaf, is een film maken een soort feestje, een soort plezierige samenwerking van verschillende mensen die graag met elkaar werken. En dat is de basis geworden.”

Article NL
11.05.2022

In 1982 debuteerde de Belgische filmcriticus/docent/academicus/televisieproducent en -programmator Eric de Kuyper met Casta Diva, een film die internationaal meteen werd opgemerkt. Deze tekst is zijn toelichting bij de subsidieaanvraag voor het Nederlands filmfonds, waarin hij vooral tracht zijn fascinatie te omschrijven en niet via woorden de beelden te evoceren. “Mijn weigering om een klassiek scenario te schrijven [mag] geïnterpreteerd worden als functioneel. In die zin dat ik van mening ben dat: 1. niet alle films ‘klassieke speelfilms’ hoeven te zijn; 2. men in bepaalde contextuele (voornamelijk financiële) omstandigheden naar andere filmvormen moet streven. Geen speelfilm betekent dus niet automatisch een ‘documentaire’ of ‘dus, een experimentele film’.”

Article NL EN DE
4.05.2022
1 2 3 4

The title of the text “Straschek 1963–74 West Berlin” is as simple as it is informative: it is a subjective, self-reflective insight into Günter Peter Straschek’s eleven years in West Berlin. Straschek: “I’ve never enjoyed teaching or gained anything from it, least of all in a state college of fine arts, those state-run breeding grounds for irrationality, where teachers and students are out to do each other one better at cooking up pretentious ideas.”

Article NL EN DE
4.05.2022
1 2 3 4

De titel van de tekst “Straschek 1963 – 74 West-Berlijn”, die hier voor het eerst in een Nederlandse vertaling verschijnt, is even eenvoudig als informatief: het is een subjectieve, zelfreflexieve inkijk in Günter Peter Strascheks elf jaar in West-Berlijn. Straschek: “Ik heb lesgeven nooit leuk gevonden, ik heb er nooit veel aan gehad. Zeker niet op een hogeschool voor beeldende kunsten, die door de staat gerunde broeinesten van irrationaliteit waar docenten en studenten elkaar met hun pretentieuze ideeën de loef proberen af te steken.”

Article NL EN DE
4.05.2022
1 2 3 4

Elf ereignisreiche Jahre in Westberlin hinterließen deutliche Spuren im Leben von Günter Peter Straschek. Er verarbeitet sie in dem Text “Straschek 1963 -74 Westberlin”. Der Titel in der dritten Person verweist auf den selbstreflexiven Charakter des Essays. Straschek: “Unterrichten hat mir nie Spass gemacht, mir nie etwas gegeben. Am wenigsten an einer Staatlichen Hochschule für Bildende Künste, diesen staatlichen Brutstatten der Irrationalität, wo Lehrer und Schüler sich an verschmockten Ideen zu übertreffen versuchen.”

Article EN
27.04.2022

Asked about his use of sound, Apichatpong has this to say: “I want it to resonate in the heart.” Does it resonate in the world? “What's that sound?” Apichatpong's films suggest many answers to this recurring question, or no answers at all, only openings. Loud bang in sleep, subliminal roar, deep groaning voices of howler monkeys; all inchoate, the invisible entity that stalks us through life. Sound is here on earth with us, calling to another place, beyond physical life.

Article NL EN
20.04.2022

Schrijven over Ophüls of Ozu op een hoekje van de keukentafel... omgeven door de geur van het dagelijks leven. Koken, “eten maken” – en zich zo beschermen tegen de kwelling van het schrijven. Een houding die voor mij moeilijk te begrijpen is, zo verschillend is mijn eigen benadering van het schrijven. (En waarschijnlijk ook die van het koken.) Dat deze prachtige teksten zijn ontstaan tussen pruttelende boeuf bourguignon en flan caramel die nog bereid moet worden, blijft voor mij een raadsel.

Article NL EN
20.04.2022

Writing about Ophüls or Ozu on a corner of the kitchen table... surrounded by the smell of everyday life. Cooking, “making food” – thus protecting herself from the torment of writing. An attitude that is difficult for me to understand, my own approach to writing being quite different. (The same goes for my approach of cooking.) It remains a mystery to me that these beautiful texts originated between simmering boeuf bourguignon and caramel flan, still to be prepared. 

Article NL EN DE
13.04.2022
1 2 3 4

De titel van de tekst “Straschek 1963 – 74 West-Berlijn”, die hier voor het eerst in een Nederlandse vertaling verschijnt, is even eenvoudig als informatief: het is een subjectieve, zelfreflexieve inkijk in Günter Peter Strascheks elf jaar in West-Berlijn. Straschek: “In de herfst van ’63 was ik vastbesloten om naar de DDR te verhuizen. In een fabriek wilde ik werken. Meer zelfs, ik vond dat ik mijn bestaan fundamenteel moest veranderen. In Berlijn (DDR) stuurden ze me echter dagenlang van het ene ministerie naar het andere en weigerden ze beleefd. Een kritiek rondbazuinende, werkloze Oostenrijker kon deze eerste Duitse arbeiders- en boerenstaat niet gebruiken. Daar zal ik hen eeuwig dankbaar voor zijn.”

Article NL EN DE
13.04.2022
1 2 3 4

Elf ereignisreiche Jahre in Westberlin hinterließen deutliche Spuren im Leben von Günter Peter Straschek. Er verarbeitet sie in dem Text “Straschek 1963 -74 Westberlin”. Der Titel in der dritten Person verweist auf den selbstreflexiven Charakter des Essays. Straschek: “Im Herbst ’63 war ich entschlossen, in die DDR zu übersiedeln. In einer Fabrik wollte ich arbeiten, mehr noch: ich meinte mein Dasein grundsätzlich verändern zu müssen. Doch in Berlin (DDR) schickte man mich tagelang von einem Ministerium zum anderen, lehnte höflich ab. Einen herumkritisierenden berufslosen Österreicher konnte dieser erste deutsche Arbeiter- und Bauernstaat nicht gebrauchen. Dafür will ich ihm ewig dankbar sein.”

Article NL EN DE
13.04.2022
1 2 3 4

The title of the text “Straschek 1963–74 West Berlin” is as simple as it is informative: it is a subjective, self-reflective insight into Günter Peter Straschek’s eleven years in West Berlin. Straschek: “In fall 1963, I was determined to settle in the German Democratic Republic. I wanted to work in a factory. More: I was convinced that I had radically to alter my existence. In East Berlin, however, I was sent from one ministry to the other for days on end, and my request was politely declined. The first German workers’ and peasants’ state had no use for an Austrian without a profession who went around criticizing everything. I will be forever grateful to it for that.”

Conversation NL EN
6.04.2022

This year, the American film director Gus Van Sant created his first stage production called Trouble, a musical about Andy Warhol. On the occasion of the premiere in De Singel in Antwerp, Sabzian has a conversation with Van Sant to talk about four films that marked a period of formal experimentation in his oeuvre: Gerry (2002), Elephant (2003), Last Days (2005) and Paranoid Park (2007). Gus Van Sant: “The blocking itself is the main feature of the scene. When you’re using a storyboard, you’re adapting the locations and the actors to the storyboard, which is already fixed when the characters come in the frame. This is the main reason I started to work without a storyboard because the characters can work the scene better. They can make things happen within that timeframe as opposed to working with single shots.”

Conversation NL EN
6.04.2022

De Amerikaanse filmregisseur Gus Van Sant maakte vorig jaar zijn eerste theaterproductie, Trouble, een musical over Andy Warhol. Bij de première van het stuk in De Singel in Antwerpen sprak Sabzian met Van Sant over vier van zijn films die samen een periode van vormelijk experiment betekenen binnen zijn oeuvre: Gerry (2002), Elephant (2003), Last Days (2005) en Paranoid Park (2007). Gus Van Sant: “Het afbakenen is het belangrijkste kenmerk van een scène. Wanneer je een storyboard gebruikt, pas je de locaties en de acteurs aan aan het storyboard, dat al vastligt wanneer de personages in beeld komen. Dat is de belangrijkste reden waarom ik zonder storyboard ben gaan werken, omdat de personages dan beter in de scène zitten. Ze kunnen dingen laten gebeuren binnen een tijdsbestek en dat lukt niet wanneer je met losse shots werkt.”