Article EN
20.01.2021

Shadi Abdel Salam carried two cultures within him: he was born and raised in Alexandria, and his mother and maternal ancestors came from Al-Minieh. He travelled in two worlds: that of the cosmopolitan city of Alexandria and its rich Hellenic heritage, and that of Al-Minieh, the pearl of Upper Egypt, imbued with traditions and customs drawing their rigidity from distant pharaonic origins. Although he looked like a noble cavalier, with matching gentleman-like qualities, fluent in English, French and Italian, he always remained that austere son of Upper Egypt, linked to his ancestors who lie inside the tombs dug into the hills of Thebes by a very long history.

Article EN
20.01.2021

On 16 December 1969, The Mummy was shown for the first time to the audience of the Cairo Film Club, which included many intellectuals. In the dark, Shadi Abdel Salam waited for the reaction of his family and friends to this new work of art. All were moved by the film’s sober technique and by its theme, which was deeply touching for Egyptians: a sacred theme presented in a new form – the language of film – and accompanied by the sincerity that’s in harmony with this people.

Article EN
20.01.2021

A biographical chronicle of Egyptian screenwriter, costume and set designer, and filmmaker Shadi Abdel Salam (1930-1986) narrated by means of a collection of excerpted interviews.

“I am from both Upper Egypt and Alexandria … the son of conservative families from Minya and Alexandria. My father was a lawyer, a man of the law … My name is Shādī Muhammad Mahmūd ‘Abd al-Salām.”

Article EN
20.01.2021

Shadi Abdel Salam’s entire screenplay for Al-mummia [The Mummy] (1969), also known as The Night of Counting the Years.

“Long pan of the Pennedjem Papyrus showing: the god Anubis; the two goddesses Isis and Nephtys; five wailing women; a mummy inside a shrine over a sledge before whom two priests offer a piece of meat and other offerings; and lastly the mummy, with the Jackal-headed Anubis standing behind it. Interior. Night. Corner, Cairo Museum, Summer 1881 A.D.”

Article NL FR EN
13.01.2021
Boris Lehman 1995
Translated by

“My films are like fables, and reality is their backdrop. They imitate the simple form of a diary, they are autobiographical, since they often deal with a quest for identity and a search for origins, and I often appear in them as a subject and as a character.”

Article EN
6.01.2021

Film is (and this is my fundamental assumption) not art in the bourgeois-humanist sense of the word. It is an industry and a very important part of the so-called culture industry at that. Those who switch from the category of art to the category of culture industry ultimately make a political-ideological choice, the consequences of which can hardly be overrated.

Article NL
16.12.2020

In Lovers Rock (2020), McQueens zelfverklaarde “musical” gebaseerd op zijn jeugdherinneringen aan Londense “blues parties”, neemt de roep van de vervoering de allure aan van een hymne. Wanneer, op de wulpse tonen van Janet Kays Silly Games, lichamen zich gracieus in beweging zetten en elkaar aftastend beroeren, vult de ruimte zich met een peilloze hunkering. Maar als de muziek zachtjes wegdeemstert en een woordeloos akkoord wordt gesloten om dat gevoel collectief verder te zetten, wordt het lied a cappella opnieuw ingezet: “I’ve been wanting you / For so long, it’s a shame / Oh, baby.”

Article NL FR EN
16.12.2020

Al te vaak denkt men dat men in de montage eerst de structuur van de film moet uitwerken om het verhaal op poten te zetten en daarna het ritme bepaalt door de duur van de sequenties op elkaar af te stemmen. Dat is voor mij onmogelijk. Het zou de inhoud loskoppelen van de vorm, de gedachte van het gevoel. Ritme is het hart van het werk, het is er de adem van. Het is ook het samenbrengen van kleuren, vormen en lijnen.

Article NL FR EN
16.12.2020

Trop souvent on pense qu’en montage il faut d’abord travailler la narration en trouvant la structure du film, puis le rythme en affinant les durées. Pour moi c’est impossible. Ce serait comme dissocier le fond de la forme, la pensée du sensible. Le rythme, c’est le cœur d’une œuvre, son souffle. C’est aussi l’association des couleurs, des formes, des lignes.

Article NL FR EN
16.12.2020

Too often people think that when editing you have to start by working on the narrative and finding the film’s structure, and only then move on to its rhythm by refining the length of the shots and sequences. I find that impossible. That would be like separating content from form, thought from the perceptible. Rhythm is the heart of the film, its breath. It’s also the association of colors, shapes, and lines. 

Article NL FR
2.12.2020
Boris Lehman 1980
Vertaald door

Brussel-transit is ontegenzeglijk een autobiografisch verhaal. Niet helemaal documentair, noch helemaal fictief, niet helemaal het heden, noch helemaal een reconstructie neemt de film zowat al die vormen aan, maar ook iets ondefinieerbaars en ongrijpbaars dat met de herinnering te maken heeft. 

Article NL FR
2.12.2020

Bruxelles-transit relève sans conteste du récit autobiographique. Ni tout à fait documentaire ni tout à fait fiction, ni tout à fait présent, ni tout à fait reconstitué, il prend corps d'un peu tout cela, mais aussi de quelque chose d'indéfinissable et d'impalpable qui tient du souvenir.

Article NL FR
2.12.2020
Boris Lehman 1999
Vertaald door

Bruxelles-transit is grotendeels autobiografisch en begint als een quasi-documentaire film waarin de acteurs (of actants) niet meer dan silhouetten zijn die in het zwart-witte (meer zwarte dan witte) stationslandschap zijn geplaatst, de plaats of non-plaats bij uitstek van de oorsprong van reizen en ballingschap, van de hier zo symbolische transit uit het verhaal van Samy’s ouders, die uit Polen kwamen met een visum voor Costa Rica. 

Article NL FR
2.12.2020

Largement autobiographique, Bruxelles-transit commence comme un film quasi documentaire, où les acteurs (ou actants) ne sont que des silhouettes placées dans le paysage noir et blanc (plus noir que blanc) de la gare, lieu ou non-lieu par excellence de l’origine du voyage et de l'exil, du transit ô combien symbolique ici de l'histoire des parents de Samy venus de Pologne avec un visa pour le Costa Rica. 

Conversation NL
25.11.2020

Parallel aan hun autonome filmprojecten werkten de documentairemakers Sofie Benoot, Liesbeth De Ceulaer en Isabelle Tollenaere jarenlang samen aan een film die zich afspeelt in de Amerikaanse woestijn. Victoria is gegroeid uit een voortdurende dialoog tussen drie filmmaaksters die ervoor kozen om samen een weg tot het einde af te leggen. Op een reis door de woestijn ontmoetten ze Lashay. Hij treedt op als gids doorheen een landschap waar de levens van uiteenlopende woestijnbewoners met elkaar verknoopt zijn. De Ceulaer: “Victoria bestaat uit verschillende lagen die we met elkaar wilden verweven, zoals de relatie van Lashay met California City en Los Angeles of de verschillende aspecten van Lashays persoonlijke situatie. Het was een enorme opgave om tot deze structuur te komen, ook al lijkt die zo eenvoudig.”