note EN
8.02.2021
Patrick Le Bon (1940-2021)

Belgian filmmaker Patrick Le Bon passed away on February 3 at the age of 81. Born in Antwerp, Le Bon graduated from the Film Academy in Amsterdam in 1965 with the short film Huuh, Huuh. He was one of the key members of the film collective Fugitive Cinema led by Robbe De Hert, for whom he worked on S.O.S. Fonske (1968). He directed four features: Salut en de kost (1974), Hellegat (1980), Zaman (1983) and Paniekzaaiers (1986), among a dozen tv films (e.g. Klinkaart, 1984) and series (e.g. Langs de kade,1988). After three years of unfruitful attempts to start the production of the police thriller Zure Regen, a disillusioned Le Bon quit the world of filmmaking in 2000 with a manifest on the Flemish film policy, “Filmtestament”. Le Bon is the author of two collections of poems and the autobiographical novel De Gulzige Jaren (2011, translated as The Greedy Years, 2015).

Hellegat has been released in the DVD series ‘De Vlaamse Film Collectie’. Zaman is available to rent on Sooner.

 

Zaman is één van die zeldzame realistische Vlaamse films die je geboeid van het eerste tot het allerlaatste beeld blijft uitkijken (...), een politiedrama dat binnen de Vlaamse film op geen enkele traditie steunt. (...) Behalve een geslaagde poging om een ongecomplexeerde politiefilm te maken, is Zaman ook een film met een aantal zeer forse scènes waar een intensiteit van uitgaat die je niet zo gauw gewoon bent in de lauwe Vlaamse filmerij. Zaman komt na de ‘double feature’ van Vlaamse filmarmoede, De Vlaschaard en Na de Liefde,op het juiste moment om ons er aan te herinneren dat alle hoop voor een zinnige productie van eigen bodem nog niet helemaal verloren is.”

Patrick Duynslaegher1

 

“Voor de (min of meer) professionele kijker is het een manie geworden. Een nieuwe Vlaamse film staat op de affiche, en dan verkramp je al bij voorbaat. Gespannen zit je in de fauteuil, schijnheilig-onverschillig wachtend op wat komen gaat. Hoe opent de film? Een vermoeide arbeider, zwijgend aan de ontbijttafel, af en toe de sigaret uithoestend? Een boer, met pet of riek in de hand, aan de akkerkant? Een eenzame, pathetische vrouwenfiguur, gevolgd met flou-camera? Een man die het met zijn dochter doet? De openingsscène van Zaman (met generiek) toont eerst de nachtelijke lucht, dan de ‘skyline’ van provincie-hoofdstad Antwerpen, gezien vanop Linkeroever. Trage zoom naar het politiegebouw aan de Oudaan, en dan cut: we zitten in de kantoren zelf, de film kan beginnen. De buikkramp is dan al een centimetertje gezakt, de eerste hindernis is zonder kleerscheuren genomen. (...) Wij Vlamen zijn dus toch in staat om een ietwat degelijke film te maken.”

Marc Ruyters2

 

“Bon. Ik ga dus kijken naar die film van Lebon, (...) omdat er nogal wat vrienden en kennissen in meespelen. Mark Janssen, Herbert Flack, Anneke Nelissen, Dikke Fred, de Wally, den Jim, ... enfin, een hele bende. (...) Zaman... een fresco van hét milieu dat zich ontrolt in heel vertrouwd aandoende straten en stegen. Ik herken zowal àlles; de vrienden, de ‘types’, de stad, zelfs bepaalde situaties en verhoudingen. En nu zou je kunnen denken dat het doorlopende herkennen van al die dingen mijn aandacht van de eigenlijke handeling weghoudt. De eerste tien minuten, ja. Maar dan word ik gaandeweg meegesleurd in de professionele én privé troebelen van de flik Zaman. (...) Dat dit verhaal van onmacht en vernedering verteld wordt op een losse, en tegelijkertijd nogal afstandelijke manier, draagt zeker bij tot een algemene sfeer van directheid, die misschien wel Antwerps is.”

Wannes Van De Velde3

 

“Het is allemaal in een ongewone, totaal nieuwe mineurtoon gezet, volledig in functie van het realisme van de film [Zaman] die erop gericht is een menselijk document te bieden. Met realisme wordt hier niet bedoeld het wekken van de indruk dat het allemaal zo zou kunnen gebeuren, maar een refereren aan de werkelijkheid zoals zij zich geregeld voordoet. Om dat te kunnen hebben de makers zich bijzonder goed gedocumenteerd. (...) De kracht van de film zit in het flegma waarmee hij is opgebouwd en die de reflectie is van het flegma waarmee Marc Janssen de figuur van Zaman uitbeeldt. (...) Het is de grote verdienste van de film Zaman met heel eenvoudige dingen, met een enkel woord, een wereld op te roepen.”

Ivo Nelissen4

 

Film & Televisie: Siegels Dirty Harry is niet veraf in Zaman?

Patrick Le Bon: ... en The Detective [1968, met Frank Sinatra] van Gordon Douglas. (...) En heb je mijn kleine ‘hommage’ aan Hitchcock gezien? Bij de terugkeer van Zamans dochter naar het ouderlijke huis, stapt ze eerst uit een bus, terwijl daar ook een tiep [Le Bon zelf] met een grote cello-doos in beeld komt...

Ronnie Pede in gesprek met Le Bon5

 

Cinema: Wat zijn de ambities voor jullie na Zaman?

Le Bon: Plannen genoeg. Ik ga binnenkort terug praten met Paul Koeck [de auteur en scenarist met wie hij Hellegat en Zaman maakte]. Ik heb een idee om een komische film te maken met een vleugje satire. Iets als een mengsel van Jacques Tati en Woody Allen. Het is een uitdaging hoor, ik weet echt niet of er iets van in huis zal komen. [Drie jaar later maakte Le Bon zijn laatste langspeelfilm, de komedie Paniekzaaiers met Gaston Berghmans en Leo Martin, nvdr.]

Ronny Verheyen en Leo Verswijver in gesprek met Le Bon6

 

zaman2zaman3zamanXzaman4

Patrick Le Bon (left, with Fugitive Cinema t-shirt) and Marc Janssen on the set of Zaman in Merksem. Images: DOCIP archive, KADOC Leuven.

  • 1. Patrick Duynslaegher, “Zaman: ‘Policier’ in Antwerps milieu,” Knack, 9 maart 1983, 152.
  • 2. Marc Ruyters, “Zaman,” Andere Sinema, 48 (1983), 2.
  • 3. Wannes Van De Velde, “Politiefilm,” Knack, 23 maart, 1983, 196.
  • 4. Ivo Nelissen, “Zaman,” De Nieuwe, 17 maart, 1983, 30.
  • 5. Ronnie Pede, “Interview: Zaman en Patrick Le Bon,” Film & Televisie, 310 (1983).
  • 6. Ronny Verheyen en Leo Verswijver, “De vier voornaamste personages achter Zaman,” Cinema, 1983, 181.