screening
FILM
A comédia de Deus
God’s Comedy
,
,
170’

João de Deus is the manager of an ice-cream shop owned by an ex-prostitute, Paraíso dos Gelados (Ice-Cream Paradise). Through a unmoved desire of perfection, he seeks, through cleansing and purity to attain heaven. The surrounding world, however, does not comply with his decaying vision of lust and decay as a way of achieving his purpose.

 

In Memoriam Serge Daney

Opening card of the film

 

“I think my film represents above all the proof, to those who want to understand and accept it, that poetry can’t be filmed, that it is useless to try.”

João César Monteiro

 

“This monument to cinephilia suggests an unholy alliance between Straub, Tati, de Sade, and a nondescript porn director, under the direction of a dandy who only cares about two things: pleasure and vice.”

Film Comment

 

“Monteiro’s dark humor and its constant eruption, especially in the late films, at unexpected and often seemingly inappropriate moments is just one expression of his willful iconoclasm. By treating the polymorphously perverse as if it were a sacred ritual, such as the consensual violation of the ice cream ‘maiden’ in 1995’s God’s Comedy, Monteiro generates a poetic and deeply provocative confusion between the sacred and the profane.”

Haden Guest in an interview with Slant Magazine1

 

“De sleutel tot de waardering voor A comédia de deus is de identificatie tussen regisseur en personage. Zonder die overeenkomst tussen de werkelijke en de gefingeerde João zou het een heel andere film zijn, en een veel mindere film. Ook al is het personage volkomen verzonnen, de vertolking door Monteiro weet uitstekend te suggereren dat er niets gespeeld hoeft te worden. De obsessies van de gefingeerde João moeten haast wel ontleend zijn aan die van de werkelijke João. Zo bizar en origineel zijn die obsessies namelijk, dat ze nooit helemaal verzonnen kunnen zijn. Zo lijkt het althans. En aangezien A comédia de Deus die obsessies tot in de meest intieme details verkent, leidt dat tot fascinerende cinema.

Monteiro speelt João de Deus met minimale middelen. Zelf vergelijkt Monteiro zijn broodmagere verschijning graag met die van acteur Max Schreck als Nosferatu van Murnau, op de aftiteling noemt hij zich zelfs Max Monteiro. Iets dichter bij huis ligt de opvallende gelijkenis met filmmaker en schrijver Eric de Kuyper. Volkomen uitdrukkingsloos beweegt Monteiro alias João de Deus zich door de film. Alles aan hem is traag en bedachtzaam: hij formuleert zorgvuldig en omslachtig, elke beweging is overwogen. Met zijn stoïcijnse stunteligheid doet hij denken aan Tati’s Mr. Hulot: ook Monteiro’s alter ego loopt een paar jaar achter en is eigenlijk te correct voor deze wereld. De naïeviteit van de Portugese Tati blijkt echter schijn.”

De Filmkrant2

 

« Les jours de Jean de Dieu s’écoulent sans grand rebondissement, entre son travail au « Paradis de la glace » (inventeur de la spécialité de la maison, il est aussi responsable de la boutique) et son appartement, où, parallèlement aux travaux domestiques, il occupe ses heures oisives à ranger dans un précieux album qu’il appelle le « livre des pensées » toute sa collection de poils pubiens de femmes. Les jeunes filles d’origine modeste qui constituent le personnel de la boutique sont l’objet de soins constants du responsable, qui veille à ce que soient respectées des règles d’hygiène qui ne mettent pas en péril la santé publique. Le comportement de Jean de Dieu – jusqu’ici sans défaut – commence à présenter des symptômes inquiétants. Peu après une foule haineuse détruit la tanière de Jean de Dieu et brûle son livre de pensées. »

Le cinématographe, salle de cinéma

Wed 12 Jun 2019, 20:00
PART OF
FILM
A comédia de Deus
God’s Comedy
,
,
170’

João de Deus is the manager of an ice-cream shop owned by an ex-prostitute, Paraíso dos Gelados (Ice-Cream Paradise). Through a unmoved desire of perfection, he seeks, through cleansing and purity to attain heaven. The surrounding world, however, does not comply with his decaying vision of lust and decay as a way of achieving his purpose.

 

In Memoriam Serge Daney

Opening card of the film

 

“I think my film represents above all the proof, to those who want to understand and accept it, that poetry can’t be filmed, that it is useless to try.”

João César Monteiro

 

“This monument to cinephilia suggests an unholy alliance between Straub, Tati, de Sade, and a nondescript porn director, under the direction of a dandy who only cares about two things: pleasure and vice.”

Film Comment

 

“Monteiro’s dark humor and its constant eruption, especially in the late films, at unexpected and often seemingly inappropriate moments is just one expression of his willful iconoclasm. By treating the polymorphously perverse as if it were a sacred ritual, such as the consensual violation of the ice cream ‘maiden’ in 1995’s God’s Comedy, Monteiro generates a poetic and deeply provocative confusion between the sacred and the profane.”

Haden Guest in an interview with Slant Magazine1

 

“De sleutel tot de waardering voor A comédia de deus is de identificatie tussen regisseur en personage. Zonder die overeenkomst tussen de werkelijke en de gefingeerde João zou het een heel andere film zijn, en een veel mindere film. Ook al is het personage volkomen verzonnen, de vertolking door Monteiro weet uitstekend te suggereren dat er niets gespeeld hoeft te worden. De obsessies van de gefingeerde João moeten haast wel ontleend zijn aan die van de werkelijke João. Zo bizar en origineel zijn die obsessies namelijk, dat ze nooit helemaal verzonnen kunnen zijn. Zo lijkt het althans. En aangezien A comédia de Deus die obsessies tot in de meest intieme details verkent, leidt dat tot fascinerende cinema.

Monteiro speelt João de Deus met minimale middelen. Zelf vergelijkt Monteiro zijn broodmagere verschijning graag met die van acteur Max Schreck als Nosferatu van Murnau, op de aftiteling noemt hij zich zelfs Max Monteiro. Iets dichter bij huis ligt de opvallende gelijkenis met filmmaker en schrijver Eric de Kuyper. Volkomen uitdrukkingsloos beweegt Monteiro alias João de Deus zich door de film. Alles aan hem is traag en bedachtzaam: hij formuleert zorgvuldig en omslachtig, elke beweging is overwogen. Met zijn stoïcijnse stunteligheid doet hij denken aan Tati’s Mr. Hulot: ook Monteiro’s alter ego loopt een paar jaar achter en is eigenlijk te correct voor deze wereld. De naïeviteit van de Portugese Tati blijkt echter schijn.”

De Filmkrant2

 

« Les jours de Jean de Dieu s’écoulent sans grand rebondissement, entre son travail au « Paradis de la glace » (inventeur de la spécialité de la maison, il est aussi responsable de la boutique) et son appartement, où, parallèlement aux travaux domestiques, il occupe ses heures oisives à ranger dans un précieux album qu’il appelle le « livre des pensées » toute sa collection de poils pubiens de femmes. Les jeunes filles d’origine modeste qui constituent le personnel de la boutique sont l’objet de soins constants du responsable, qui veille à ce que soient respectées des règles d’hygiène qui ne mettent pas en péril la santé publique. Le comportement de Jean de Dieu – jusqu’ici sans défaut – commence à présenter des symptômes inquiétants. Peu après une foule haineuse détruit la tanière de Jean de Dieu et brûle son livre de pensées. »

Le cinématographe, salle de cinéma