screening
FILM
Pink Ulysses
,
,
98’

Homer tells us how Ulysses’ wife Penelope used to weave Laertes’ shroud. The work she did by day she unravelled by night. That process was not dissimilar to the creation and production of Pink Ulysses. Gradually images (collected here and there, also from film classics) and well and lesser known music created a texture of sight and sound, resulting in a variation on Ulysses. Perhaps Penelope began to love her son more than her distant, absent husband? And possibly Ulysses began to love the “ideal Penelope” he recognized in magical Circe more than his wife, who would be waiting for him in Ithaca? Perhaps… and the imagination lingers on… How this materializes in a film, a fabric, is Pink Ulysses’ secret. An exploration, an adventurous wandering.

 

“Niet verwonderlijk dus dat uitvoeringskunsten zijn levenshouvast zijn geworden: theater, dans en film. Het zijn vormen die hun juistheid ogenblikkelijk bewijzen in de prikkeling die de toeschouwer ondergaat. Deze toeschouwer gaat naar het theater, de opera en de bioscoop als naar een masseur. Hij legt een vlijmscherp oor te luisteren bij zijn eigen indrukken: iedere foute aanraking registreert hij meedogenloos.”

Dirk Lauwaert1

 

“This could easily become a cult film. Question is: the cult of what? Of lovers of music, of dance, of bodies and eroticism, sensuality, gay movies, of astonishing shots? In any case, Pink Ulysses, by Eric de Kuyper, is an attention-grabber.

There’s no plot, only the theme of Ulysses’ return from Troy as a thread to hold the whole together. Film is a sensuous flow of music (from Wagner to Zarah Leander) and images (including clips of old pics), filled with bodies and colors, and a very explicit sequence of male masturbation.

Pic was made with little money but lots of humor. It searches continuously. For beauty? Perhaps. For things and feelings to be grateful for? Probably. Direction is technically and artistically of a high order. Pink Ulysses made a positive impression on auds at the Rotterdam Film Festival and also played the Berlinale.”

Variety2

 

« Ce n’est pas parce qu’on travaille avec des bouts de ficelle qu’on n'arrive à rien. Après tout, Homère a bien écrit l’Odyssée tout seul. Avec de la passion et du courage... Mais je ne voudrais pas que les gens prennent ce film trop au sérieux. Ce n’est qu'un tour de passe-passe. »

Eric de Kuyper

 

“De cineast noemt zijn film graag een breiwerk waaraan hij zo tussendoor heeft gewerkt. Het hele project heeft driejaar in beslag genomen. Pink Ulysses werd met en door vrienden en kennissen in de weekends opgenomen. Een deel waarvan het gebeuren om een behoorlijk decor en een uitgekiende belichting vroeg, werd in één week in een heuse studio gefilmd. Deze specifieke produktiewijze heeft ongetwijfeld de fragmentarische structuur ingefluisterd. Zwart-wit scènes waarin op één of andere manier mannenlichamen worden geëxploreerd wisselen af met en worden aaneengerijgd door de rode draad doorheen de langspeelfilm: het kleurrijke verhaal van de Odyssee. Het klassieke heldenepos van Homeros krijgt een weinig eerbiedige interpretatie toebedeeld. Body-builders bewegen zich doorheen kitscherige, zichtbaar fake decors die bij momenten expliciet verwijzen naar het surrealisme van Cocteau. De technicolor van het naoorlogse peplum-genre stond model voor het felle kleurenpalet. Penelope is een hemelse, maar wat truttige schoonheid die bij de langverwachte thuiskomst van haar echtgenoot enkel ledig kan toezien hoe hij in de armen van een andere man valt. De personages spreken elkaar bovendien nog in de Duitse taal toe, gedubd door dialogen uit de Duits nagesynchroniseerde versie van Mario Camerini’s Ulysses. Hoe mooi en grappig ook in al zijn gechargeerde wansmaak, staan natuurlijk eenzaamheid en verlangen centraal in deze vertelling van de zwervende Odysseus en zijn wachtende Penelope. Diezelfde emoties liggen vingerdik op de scènes in zwart-wit.”

Herman Asselberghs3

 

Herman Asselberghs en Patricia Pisters: Pink Ulysses is een opvallend exuberante film.

Eric de Kuyper: Dat klopt, ik wou dingen doen die ik nog nooit gedaan had. Cameravoeringen die ik nog nooit gedaan had, ik wou ook veel monteren wat ik nog niet gedaan had. Er zitten ook heel wat dingen in - wat ik in de vorige films niet zo uitdrukkelijk had - waar ik het zelf heel moeilijk mee heb. Esthetische opvattingen waar ik moeilijkheden mee heb, bijvoorbeeld diagonale of hoge camerastandpunten, dat heb ik nooit tevoren gedaan. Ik werk niet volgens bepaalde principes of regels, dus laat ik die camera ‘zomaar’ ergens neerzetten.

Voor het TV-programma Charbon-Velours maakte ik een kort filmpje over Ledoux. Dat filmpje is heel belangrijk voor mij omdat ik daarin voor het eerst andere dingen heb gedaan; niet die ik niet durfde maar die ik niet mooi vond. Surrealistische dingen, omdat Ledoux een liefhebber was van surrealisme. Ik hou niet van surrealisme maar wou hem plaatsen in een sfeer waar hij van hield. Met dat filmpje heb ik een soort losheid ten opzichte van filmmaken verkregen. De andere films waren zo ascetisch en Pink Ulysses heeft iets relativerends. Ik wou ook eens iets anders doen. Voor het eerst heb ik nu ook plezier gehad aan het draaien, meestal vind ik de shooting van een film nogal zwaar, moeilijk en onprettig. Nu vond ik het heel prettig omdat ik gewoon gezegd heb alles dat kan, soms tot ergernis van de decorateurs of de cameraman, zo van: “kan dat nu?” Maar ja, alles kan, we zullen wel zien. Soms schrikt dat mensen af. Het beeld was bijvoorbeeld onscherp, wat nu... maar ja. Dat betekent niet dat we alles zomaar gefilmd hebben, maar als er iets tegenviel, iets onvoorziens, dan probeerden we dat er toch in de film op te nemen en te zien of het lukte, en meestal was het nog mooier dan we dachten. Zo hadden we het nooit gedurfd, bijvoorbeeld van het monitorscherm af te filmen. We hadden dat als proef gedaan en dan zouden we een goede band zoeken voor in de film. Maar ik zei: nee, laten we het alsjeblieft zo houden want we zullen het nooit meer zo mooi terugkrijgen. Zo wil ik op zijn minst het toeval accepteren, ervan uitgaan dat het toeval soms dingen veroorzaakt waarvan je door planning nooit op het idee zou gekomen zijn. Terwijl als je aanvaardt dat het toeval toch ook iets kan vertellen of technische mankementen ook iets kunnen betekenen, dat soms fantastisch kan zijn.

Herman Asselberghs en Patricia Pisters in gesprek met Eric de Kuyper4

  • 1. Dirk Lauwaert, “De geest gaat steeds door het lichaam (v/m),” De Witte Raaf 49 mei-juni 1994.
  • 2. “Pink Ulysses,” Variety, 21 February 1990.
  • 3. Herman Asselberghs, “Pink Ulysses. Plezierige didactiek en verscheurend hedenisme.” Andere Sinema 96, maart/april, 1990.
  • 4. Herman Asselberghs en Patricia Pisters, “De kracht van het beeld terugvinden. Gesprek met Eric de Kuyper,” Andere Sinema 96, maart/april, 1990.
Sat 10 Oct 2020, 19:00
CINEMATEK, Brussels
PART OF
  • In the presence of Eric de Kuyper
FILM
Pink Ulysses
,
,
98’

Homer tells us how Ulysses’ wife Penelope used to weave Laertes’ shroud. The work she did by day she unravelled by night. That process was not dissimilar to the creation and production of Pink Ulysses. Gradually images (collected here and there, also from film classics) and well and lesser known music created a texture of sight and sound, resulting in a variation on Ulysses. Perhaps Penelope began to love her son more than her distant, absent husband? And possibly Ulysses began to love the “ideal Penelope” he recognized in magical Circe more than his wife, who would be waiting for him in Ithaca? Perhaps… and the imagination lingers on… How this materializes in a film, a fabric, is Pink Ulysses’ secret. An exploration, an adventurous wandering.

 

“Niet verwonderlijk dus dat uitvoeringskunsten zijn levenshouvast zijn geworden: theater, dans en film. Het zijn vormen die hun juistheid ogenblikkelijk bewijzen in de prikkeling die de toeschouwer ondergaat. Deze toeschouwer gaat naar het theater, de opera en de bioscoop als naar een masseur. Hij legt een vlijmscherp oor te luisteren bij zijn eigen indrukken: iedere foute aanraking registreert hij meedogenloos.”

Dirk Lauwaert1

 

“This could easily become a cult film. Question is: the cult of what? Of lovers of music, of dance, of bodies and eroticism, sensuality, gay movies, of astonishing shots? In any case, Pink Ulysses, by Eric de Kuyper, is an attention-grabber.

There’s no plot, only the theme of Ulysses’ return from Troy as a thread to hold the whole together. Film is a sensuous flow of music (from Wagner to Zarah Leander) and images (including clips of old pics), filled with bodies and colors, and a very explicit sequence of male masturbation.

Pic was made with little money but lots of humor. It searches continuously. For beauty? Perhaps. For things and feelings to be grateful for? Probably. Direction is technically and artistically of a high order. Pink Ulysses made a positive impression on auds at the Rotterdam Film Festival and also played the Berlinale.”

Variety2

 

« Ce n’est pas parce qu’on travaille avec des bouts de ficelle qu’on n'arrive à rien. Après tout, Homère a bien écrit l’Odyssée tout seul. Avec de la passion et du courage... Mais je ne voudrais pas que les gens prennent ce film trop au sérieux. Ce n’est qu'un tour de passe-passe. »

Eric de Kuyper

 

“De cineast noemt zijn film graag een breiwerk waaraan hij zo tussendoor heeft gewerkt. Het hele project heeft driejaar in beslag genomen. Pink Ulysses werd met en door vrienden en kennissen in de weekends opgenomen. Een deel waarvan het gebeuren om een behoorlijk decor en een uitgekiende belichting vroeg, werd in één week in een heuse studio gefilmd. Deze specifieke produktiewijze heeft ongetwijfeld de fragmentarische structuur ingefluisterd. Zwart-wit scènes waarin op één of andere manier mannenlichamen worden geëxploreerd wisselen af met en worden aaneengerijgd door de rode draad doorheen de langspeelfilm: het kleurrijke verhaal van de Odyssee. Het klassieke heldenepos van Homeros krijgt een weinig eerbiedige interpretatie toebedeeld. Body-builders bewegen zich doorheen kitscherige, zichtbaar fake decors die bij momenten expliciet verwijzen naar het surrealisme van Cocteau. De technicolor van het naoorlogse peplum-genre stond model voor het felle kleurenpalet. Penelope is een hemelse, maar wat truttige schoonheid die bij de langverwachte thuiskomst van haar echtgenoot enkel ledig kan toezien hoe hij in de armen van een andere man valt. De personages spreken elkaar bovendien nog in de Duitse taal toe, gedubd door dialogen uit de Duits nagesynchroniseerde versie van Mario Camerini’s Ulysses. Hoe mooi en grappig ook in al zijn gechargeerde wansmaak, staan natuurlijk eenzaamheid en verlangen centraal in deze vertelling van de zwervende Odysseus en zijn wachtende Penelope. Diezelfde emoties liggen vingerdik op de scènes in zwart-wit.”

Herman Asselberghs3

 

Herman Asselberghs en Patricia Pisters: Pink Ulysses is een opvallend exuberante film.

Eric de Kuyper: Dat klopt, ik wou dingen doen die ik nog nooit gedaan had. Cameravoeringen die ik nog nooit gedaan had, ik wou ook veel monteren wat ik nog niet gedaan had. Er zitten ook heel wat dingen in - wat ik in de vorige films niet zo uitdrukkelijk had - waar ik het zelf heel moeilijk mee heb. Esthetische opvattingen waar ik moeilijkheden mee heb, bijvoorbeeld diagonale of hoge camerastandpunten, dat heb ik nooit tevoren gedaan. Ik werk niet volgens bepaalde principes of regels, dus laat ik die camera ‘zomaar’ ergens neerzetten.

Voor het TV-programma Charbon-Velours maakte ik een kort filmpje over Ledoux. Dat filmpje is heel belangrijk voor mij omdat ik daarin voor het eerst andere dingen heb gedaan; niet die ik niet durfde maar die ik niet mooi vond. Surrealistische dingen, omdat Ledoux een liefhebber was van surrealisme. Ik hou niet van surrealisme maar wou hem plaatsen in een sfeer waar hij van hield. Met dat filmpje heb ik een soort losheid ten opzichte van filmmaken verkregen. De andere films waren zo ascetisch en Pink Ulysses heeft iets relativerends. Ik wou ook eens iets anders doen. Voor het eerst heb ik nu ook plezier gehad aan het draaien, meestal vind ik de shooting van een film nogal zwaar, moeilijk en onprettig. Nu vond ik het heel prettig omdat ik gewoon gezegd heb alles dat kan, soms tot ergernis van de decorateurs of de cameraman, zo van: “kan dat nu?” Maar ja, alles kan, we zullen wel zien. Soms schrikt dat mensen af. Het beeld was bijvoorbeeld onscherp, wat nu... maar ja. Dat betekent niet dat we alles zomaar gefilmd hebben, maar als er iets tegenviel, iets onvoorziens, dan probeerden we dat er toch in de film op te nemen en te zien of het lukte, en meestal was het nog mooier dan we dachten. Zo hadden we het nooit gedurfd, bijvoorbeeld van het monitorscherm af te filmen. We hadden dat als proef gedaan en dan zouden we een goede band zoeken voor in de film. Maar ik zei: nee, laten we het alsjeblieft zo houden want we zullen het nooit meer zo mooi terugkrijgen. Zo wil ik op zijn minst het toeval accepteren, ervan uitgaan dat het toeval soms dingen veroorzaakt waarvan je door planning nooit op het idee zou gekomen zijn. Terwijl als je aanvaardt dat het toeval toch ook iets kan vertellen of technische mankementen ook iets kunnen betekenen, dat soms fantastisch kan zijn.

Herman Asselberghs en Patricia Pisters in gesprek met Eric de Kuyper4

  • 1. Dirk Lauwaert, “De geest gaat steeds door het lichaam (v/m),” De Witte Raaf 49 mei-juni 1994.
  • 2. “Pink Ulysses,” Variety, 21 February 1990.
  • 3. Herman Asselberghs, “Pink Ulysses. Plezierige didactiek en verscheurend hedenisme.” Andere Sinema 96, maart/april, 1990.
  • 4. Herman Asselberghs en Patricia Pisters, “De kracht van het beeld terugvinden. Gesprek met Eric de Kuyper,” Andere Sinema 96, maart/april, 1990.