Films byTexts by 2019
Article NL
10.04.2019

Die “beschaafde, als automatische mens”, Monsieur Hulot, zette zijn eerste stappen in Jacques Tati’s film Les vacances de Monsieur Hulot uit 1953. Weinig geweten is dat vooraleer Hulot opnieuw opduikt in Mon oncle (1958), hij ook verscheen in een gelijknamige boekversie van zijn filmdebuut. Nochtans verrast de naam van de auteur van deze grotendeels vergeten of miskende novellisatie: een jonge Jean-Claude Carrière, de scenarist van films van Jean-Luc Godard en Nagisa Oshima, maar vooral van het late werk van Luis Buñuel en Philippe Garrel. 

Conversation NL
3.04.2019

In december 2018 ging de eerste langspeelfilm van de Brusselse filmmaker Hannes Verhoustraete, Un pays plus beau qu’avant (2019), in avant-première in de Beursschouwburg te Brussel. De film volgt de omzwervingen van Jean-Simon, een Brusselse kleinhandelaar van Congolese origine die zich tracht te handhaven in de informele economie van de hoofdstad. Verhoustraete: “Hoewel [een] concrete [politieke] urgentie zeer aanwezig is, blijven we in de film dichter bij de persoonlijke hoogdringendheid van het leven van Jean-Simon. Een urgentie die soms rond 20 euro draait, rond eten en de dag doorkomen. Ik wilde die werkelijkheid vervolgens koppelen aan een systemische dimensie, het kleine met het grote verbinden. Ik denk dat ik eerder op zoek was naar een schizofrenische ‘blik in spreidstand’.”

prisma NL
3.04.2019

Ik kijk naar Sanrizuka – Heta Buraku [Sanrizuka – Heta Village] (1973). Heta Village is een zachte, fijne regen die de wereld in de blik onherroepelijk metamorfoseert.

prisma NL
20.03.2019

“Zijn we ons niet al te bewust van het feit dat het schouwspel op het doek altijd een constructie is? Geschilderd licht, letterlijk vermomd als Stil Licht?” Tim Bouwhuis over Carlos Reygadas’ Stellet Licht (2007).

FILM
Sarah Vanagt, 2019, 35’

“What kind of futures can be read in the impersonal fragments of our reality? It’s a question that inevitably gains attention and importance when it’s posed to those who the future, pre-eminently, belongs to.

Manifesto NL FR EN
13.03.2019

I am looking for the poet’s language. I feel it, restless, like a promise. I reckon that if the language cultivates what is possible, horizons will open. I reckon that if certain poets and certain filmmakers make me euphoric, they do so through their intimate language. A rebellious and restless language. An archetypal language. A language that claws away and leaves its trace in me.

Manifesto NL FR EN
13.03.2019

Ik ben op zoek naar de taal van de dichter. Ik voel haar, rusteloos als een belofte. Ik denk dat als deze taal ontwikkelt wat mogelijk is, blikvelden zullen opengaan. Ik denk dat als bepaalde dichters en bepaalde filmmakers me euforisch maken, het door hun intieme taal is. Opstandige en onrustige taal. Archetypische taal. Taal die klauwt en sporen achterlaat in mij.

Manifesto NL FR EN
13.03.2019

Je cherche la langue du poète. Je la sens intranquille comme une promesse. Je me dis que si cette langue-là cultive les possibles, des horizons s’ouvrent. Je me dis que si certains poètes et certains cinéastes me rendent euphorique, c’est par leur intime langue. Langue révoltée et inquiète. Langue archétypale. Langue qui griffe et qui laisse en moi une trace.

prisma NL
20.02.2019

Stijn Coninx’ Niet schieten (2018) opent met de pancarte “Gebaseerd op waargebeurde feiten”. In de eindgeneriek staat iets anders: “Elke gelijkenis met bestaande personen of gebeurtenissen berust op louter toeval.” 

prisma NL
13.02.2019

Zijn herinneringen kijken terug en in het voorbijgaan kan hij ze nog net een kleine vorm geven: iets als een beletselteken (“En ook wij”). Poëzie ontstaat pas nabij die van anderen. Wanneer ze langs de beeldrand zijn zelfportret binnenstappen, is Mekas tegelijk gast en gastheer.

Article NL
23.01.2019

Als kannibalen van de waarheid schrijven de overwinnaars hun geschiedenis en L’Espérance is duidelijk over wie won, wie verloor. Uit de openingswoorden van Combat au bout de la nuit “Grèce 20142016” spreekt zijn direct verlangen om een geschiedenis neer te schrijven.

Article EN
16.01.2019

In an interview with Jeremy Isaacs in 1993, Derek Jarman, wittingly nearing the end of his chromatic life, claimed that when he would be gone he’d like to evaporate and take his works with him: “to disappear completely.” During that interview Jarman describes his then soon to be final feature film Blue (1993) as a dedication to Yves Klein and a self-portrait of sorts. The film would be void of image and would draw its animation from a monologue performed by himself and others (Nigel Terry, John Quentin, and Tilda Swinton) on his life living with illness; and the screen would be illuminated as a rich and vibrating blue colour field – a proposal to which Isaacs cried out, “What on earth do you mean, ‘a blank blue film’?” 

FILM
Gerard-Jan Claes, Olivia Rochette, 2019, 53’

Mitten follows the final weeks of rehearsal of Mitten wir im Leben sind, the performance by Anne Teresa De Keersmaeker, her company Rosas and cellist Jean-Guihen Queyras, based on the six cello suites by Johann Sebastian Bach.

Pages